Zaterdag namen we afscheid van een vriend die vorige week maandag doodging. Toen ik daarvan hoorde, wist ik niet dat mijn moeder een paar dagen later zou sterven. Haar gunde ik het, want ze wilde het graag, haar lichaam was op, haar leven mooi geweest en voltooid. Mijn verdriet... lees meer
In de Pers
Recent
Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd
Actie
Zaterdagavond gaat om een uur of acht de bel. Ik ben zalm aan het bakken, wat ik graag met grote aandacht doe. Er staan wel acht kinderen voor de deur, van een jaar of twaalf, schat ik. Ze zien er opgewonden uit. Zes meisjes, twee jongens. Een van die jongens is de woordvoerder. Dat straalt hij uit voordat hij nog iets gezegd heeft, zo’n jongen die in een jeugdfilm in een luchtballon zit, aan kerktorens hangt en grappig met zijn moeder omgaat. Alle meisjes willen iets met hem. Hij zegt: `We zijn geld aan het inzamelen tegen kanker.’ Terwijl hij deze woorden uitspreekt, knikt de rest van het groepje gedreven. Vind ik een uitstekend doel, maar wil er toch iets meer van weten. Daarom vraag ik of het een actie is van school. De jongen schudt wild zijn hoofd: `We hebben het zojuist bedacht. We zaten bij elkaar en vonden dat we dit moesten doen.’ Waarom vond ik dat vroeger niet toen ik met vrienden bij elkaar zat? Toch wil ik nóg meer weten en dat verwijt ik mezelf. Misschien is het een actie die om een draagvlak vraagt, en een duidelijk adres en een bestuur dat de gang van zaken in de gaten houdt, en een geplastificeerde kaart waarop staat dat de actie geen verzinsel is. Maar ik moet daar in de deuropening alsjeblieft niet de zeurkous uithangen. Ik geef de jongen een biljet van tien euro en zeg: `Je neemt me niet in de maling.’ De jongen zegt: `We komen u persoonlijk zeggen wat we met het geld gedaan hebben.’ Zoiets maak je ook nooit mee. We nemen afscheid. Ze lopen naar de buren. Ik moet terug naar de zalm.
Columns
-
-
Mijn moeder overleed eergisteren in de vroege ochtend. Mijn zusje belde om half zes: `Ze zeggen dat we moeten komen.’ Met `ze’ bedoelde ze de mensen van het hospice waar mijn moeder haar laatste dagen doorbracht. Even later zat ik in de auto. Het was nog donker, het verkeer kwam... lees meer
-
Het is de tweede keer dat ik in een ambulance meerijd. De eerste keer is in Heerlen, de geboorteplaats van mijn moeder. Daar zijn we om Sinterklaas te vieren, maar dan word ik ineens erg ziek. Van die ambulance herinner ik me alleen het geluid van de sirene. En de vlammende pijn... lees meer
-
Soms zijn er signalen die erop wijzen dat het nog steeds niet héél erg slecht gaat met ons land. (Als `dit land’ schrijft, heb je er kritiek op. `Ons land’ heeft iets dierbaars.) Het zijn nooit echt belangrijke signalen, maar ze zijn er wel. Bijvoorbeeld dat het maandblad LINDA... lees meer
-
Er zijn van die krantenfoto’s die ik al mijn hele leven ken. Ze horen bij de seizoenen, bij wat karakteristiek voor die seizoenen is.
-
Het is de tweede keer dat ik in een ambulance meerijd. De eerste keer is in Heerlen, de geboorteplaats van mijn moeder. Daar zijn we om Sinterklaas te vieren, maar dan word ik ineens erg ziek. Van die ambulance herinner ik me alleen het geluid van de sirene. En de vlammende pijn... lees meer
-
Het is een afwijking, maar zolang ik het me kan herinneren dacht ik meestal na over wat er tegen me gezegd werd. Dat is niet altijd handig. Je kunt daardoor bijvoorbeeld niet meteen met alles meedoen.
-
Al de tweede dag van april, het jaar begint op te schieten, ik moet sommige zaken niet voor me uit blijven schuiven, vooral niet de zaken die ik `kleine dingen’ noem. De lente vraagt immers om een grote schoonmaak.
-
Graag lees ik over de stroopwafelbakker die 47000 euro subsidie ontving om met die stroopwafels aandacht te vestigen op het Oekraïnereferendum. Telkens zegt dat hij geen winst maakt, maar dat die subsidie alleen de kosten dekt. Hij meldt er niet bij dat hij zelf de grootste kost... lees meer
-
Het liet me niet onberoerd toen ik vorige week de Rolling Stones op Cuba zag landen. Zeker niet toen ze daarna gevieren op de vliegtuigtrap vriendelijk poseerden en zwaaiden. Ik hoor dat er mensen zijn die dan een beetje smalend zuchten: wat zijn ze oud. Zoiets komt niet in me o... lees meer
-
Als ik een volle kamer binnenkom (verjaardag) begroet ik een vriendin en die zegt: `Je gulp staat open.’ Ik knik en zeg dat we dit soort dingen altijd tegen elkaar moeten blijven zeggen. Hoort ook bij de zorgzame samenleving.
-
Het was een klein en tam verlangen waaraan ik nauwelijks aandacht besteedde. Niet belangrijk, hield ik mezelf voor. Ik leg het uit: mijn auto is uit begin jaren negentig, een oudje dus. Daarom doe hij het soms niet, waarover ik me niet probeer op te winden. Er zijn immers ergere... lees meer
-
Ongetwijfeld wordt de komende dagen vaak, heel erg vaak gezegd dat er waarschijnlijk niemand ter wereld is die zijn naam niet kent. En dat is al heel lang zo. Fascinerend is dat. En iedereen spreekt die naam ook met enig ontzag uit, wat natuurlijk niet alleen komt doordat hij zo... lees meer
-
Als ik naar de foto van de daders kijk, probeer ik er zoveel mogelijk over te denken. Ze duwen een bagagekarretje voort, ze kijken om zich heen zoals mensen doen die dadelijk vertrekken (je kijkt dan anders dan wanneer je op weg bent naar de supermarkt). Twee van hen zijn dood,... lees meer
-
`Wij zijn met meer.’ Dat zei onze premier op de persconferentie, gisteren tegen het middaguur. Die persconferentie was al een tijdje aangekondigd en niemand zal verwacht hebben dat de premier iets over de aanslagen in Brussel zou vertellen wat we nog niet wisten. Geschokt. Medel... lees meer
