De meeste vervelende zinnetjes uit mijn kindertijd hoor ik soms nog. Bijvoorbeeld: “Hoe vaak moet ik dat nog zeggen?” Dan ging het om iets wat helemaal niet meer tegen je gezegd hoefde te worden, iets wat je heus wel wist, maar je had geen zin eraan te denken.
Dat vervelen... lees meer
In de Pers
Recent
Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd
Appelgroen
Sommige woorden die me typisch Nederlands lijken, zijn ook zo treurig: bonnetjesaffaire. Er moet weer ergens een burgemeester weg, vanwege een bonnetjesaffaire. Uitsmijter, fles champagne en dan `Mag ik alstublieft een bonnetje, ober?’. De man die mij financieel op orde houdt, een karwei waarvan hij vermoeid kan schateren, zegt ook altijd dat ik bonnetjes moet vragen. Met behulp van een nietapparaat bevestig ik die dan in mijn administratie, wat ik een hoogst gewichtige handeling vind, waarna ik vaak met de handen in de zij als een veldheer uit het raam ga staren. Ik ben niet altijd gehoorzaam, wat komt doordat ik me dan afvraag of wat ik in een café of restaurant heb gegeten en gedronken privé is of ik dat heb gedaan in mijn functie als Zelfstandige Zonder Personeel. En daarbij denk ik soms aan de belastingbetaler, waarbij zich een volle man in een glimmend pak met een verzorgde snor opdringt of een stijve vrouw met dunne lippen in een appelgroen mantelpak. Die kunnen ineens zo aanwézig zijn dat ik mezelf een bon fel hoor weigeren, vooral omdat ik met dat soort belastingbetalers niets te maken wil hebben. Meestal vergeet ik het trouwens en dat komt door een gebeurtenis die bijna altijd wordt genoemd wanneer het om een bonnetjesaffaire gaat: de alcohol die rijkelijk vloeide. Dat doet de alcohol altijd in die omstandigheden, rijkelijk vloeien. En zo nu en dan kom ik ook in de ban van een prettige gedachte die je, geloof ik, voor je moet houden, en die gedachte is: ik kan het zelf betalen! Echt waar!
Columns
-
-
In de supermarkt sta ik contactloos te betalen, als er een eindje verder onrust ontstaat, bij de kassa waar mensen afrekenen die een praatje op prijs stellen. Daar briest een mevrouw. Ze heeft kranig haar en is het niet eens met wat er op de kassabon staat vermeld. Het stukje pa... lees meer
-
Ja, hoe heet zo’n voertuigje? Iedereen kent ze wel, die canapeetjes op wielen die steeds vaker in het stadsbeeld te zien zijn. Een brommobiel, hoorde ik iemand zeggen. Een elektrische citycar.
Vorige week stond er ineens een in onze autovrije straat geparkeerd. Het... lees meer -
Wie is er niet aan gewend aan de sirene die iedere eerste maandag van de maand precies om 12.00 uur wordt getest? Niet op nationale en religieuze feestdagen, want dat zijn nu eenmaal dagen waarop er niets alarmerends kan gebeuren. Op Dodenherdenking trouwens ook niet, maar die d... lees meer
-
Toen de straat ruim twee jaar geleden autovrij werd, plaatste de gemeenten aan weerskanten twee rood-witte paaltjes. Die zijn weg te halen. Twee bewoners hebben een sleutel.
-
Er is een reclamespotje dat bedoeld is voor mensen die een vakantie in een zonnig oord overwegen. Er wordt in dat spotje gezegd dat je nieuwe herinneringen kunt gaan maken in, en dan komt er een land. Telkens denk ik na over dat herinneringen maken, over hoe je dat doet? Je ligt... lees meer
-
Woorden waarvoor ik me schaam, probeer ik zo min mogelijk uit te spreken. Als ik het per ongeluk toch doe, voel ik lichte kramp. Bubbels, om maar een woord te noemen. In combinatie met glaasje. Bijvoorbeeld in de zin: “Zullen we een glaasje bubbels doen?” `Doen’ is ook erg trouw... lees meer
-
Mijn eigen schuld. Gisteren zei ik in gezelschap van jonge intimi dat het morgen Aswoensdag was. En dat ik in een ander leven dan een askruisje ging halen.
De brandende vraag was: “Wát ging je halen?”
Leg dat maar eens uit. Ik moest ver terug in mijn katholieke kindert... lees meer -
In de late namiddag ga ik graag naar naar het café op de hoek, even weg uit de kleine wereld van mijn werkkamer naar een andere kleine wereld waarin je je paar momenten kunt verschansen voor wat er vanuit de grote wereld op je afkomt. Voorheen lagen daar de avondkranten, maar di... lees meer
-
In de late namiddag ga ik graag naar naar het café op de hoek, even weg uit de kleine wereld van mijn werkkamer naar een andere kleine wereld waarin je je paar momenten kunt verschansen voor wat er vanuit de grote wereld op je afkomt. Voorheen lagen daar de avondkranten, maar di... lees meer
-
Toen de president van Oekraïne buitenlanders opriep met zijn land mee te vechten, sprak hij van een `vreemdelingenlegioen’. Al vroeg in mijn leven was dat een magisch woord. Soms hoorde je dat iemand zich daarbij aansloot. Eerst naar Marseille en daarna naar een fort in een woes... lees meer
-
Even, héél even, was de oorlog erg ver weg. Zaterdagochtend, de zon scheen popelend, de lente was ineens begonnen. Ik liep naar de markt, passeerde volle terrassen die nooit leeg leken te zijn geweest, iedereen op straat praatte vrolijk, er hing iets zingends in de lucht.
-
Nee, ik heb ook geen glazen bol, ken zelfs niemand die er een heeft. Gisteren hoorde ik het twee keer op de radio, de dag ervoor vaker. Glazen bol.
-
Tegen vijven gisterochtend las ik over de oorlog. Toevallig, ik werd wakker van iets, lawaai op straat, een droom vol raadsels, ik weet het niet, en pakte mijn tablet om te kijken of er nieuws was. Doe ik altijd, maar meestal zoek ik dan naar vrolijk nieuws. Wordt steeds zeldzam... lees meer
-
Ja, het lievelingsnummer van Peter R. de Vries, maar de zeer Britse band Procol Harum heeft meer moois gemaakt dan A Whiter Shade of Pale. Zanger en pianist Gary Brooker overleed vorige week en gelukkig heb ik hem zijn meeslepende en mysterieuze lied een paar keer live... lees meer
