Jano van Gool

In de Pers

Thomas Verbogt voegt met deze ontroerende roman een kunststukje toe aan zijn rijke oeuvre - Thomas Verbogt heeft met zijn ontroerende nieuwe roman Foto’s van zonnige dagen een prachtig kunststukje toege... - Vivian de Gier in: Het Parool lees meer
Montere Weemoed II, met Thomas Verbogt & Beatrice van der Poel - Gezien op 2 maart 2022, OBA Theaterzaal, Amsterdam  ... - Kester Freriks in: Theaterkrant lees meer
The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Leeftijd

Regelmatig zit ik in een taxi, maar zelden tref ik een vrouw als chauffeur. Toch weet ik dat ze er zijn. Gisteren had ik er een, een vrolijke. Openingszin: `Ja, kom maar gezellig naast me zitten.’ Soms is waakzaamheid dan geboden, maar nu niet. Haar woorden zijn goed voor mijn humeur. Ze hoort bij de lentezon. Dat zeg ik niet, ik denk het alleen, maar het lijkt alsof ze in die gedachten kan kijken, want ze begint over haar moeder in Brabant met wie ze zojuist belde, en die zei dat het daar met bakken uit de hemel kwam. Bij ons is dat dus niet zo, integendeel. Ik heb voor het eerst het gevoel dat ik vaag zicht heb op de zomer.  `We hebben geluk,’ zegt mijn chauffeur. Ze spreekt het woord `geluk’ gul uit. Je krijgt er nog meer zin in de dag van. Nadat ze nogal geestig medegebruikers heeft becommentarieerd, stelt ze een vraag die ik niet verwacht: `Zijn we van dezelfde leeftijd?’ Ik moet even over het antwoord nadenken, want wil nu geen fout maken. Geen idee trouwens waarom ze het vraagt, maar ik heb er ook geen last van – daarvoor zit ik veel te gezellig naast haar. Ik denk dat ik ongeveer twee keer zo oud ben: `Ik ben al 61.’ Ze zegt dat ze dacht dat we even oud waren: `Ik ben 50.’ Het klinkt snel als geslijm, maar toch zeg ik dat ik me dat nauwelijks kan voorstellen. Ze lacht, een mooie, heldere lach. Dan zegt ze, nu op een  geheimzinnige toon: `Laten we maar zeggen dat we weer geluk hebben.’ Weer krijgt `geluk’ een gulle klank. Daarom begon ze er natuurlijk over: om het nog een keer over geluk te hebben.

 

 

Columns

  • Vorige week hoorde ik op de radio een programma dat ging over hoe mensen elkaar beledigen op Twitter. Officieel zit ik daar ook op, maar ik doe er al zes jaar niets mee.
    Gast was Victoria Koblenko, onder meer actrice. Ze is afkomstig uit Oekraïne en had in de dagen rond het... lees meer

  • Op mijn rijbewijs staat het: in juli 2005 deed ik met succes rijexamen. Nu weet ik niet meer of dat de zesde of de zevende keer was. Wel dat de dag erop mijn theoretische rijbewijs zou verlopen. Het was dus belangrijk dat ik ook in de praktijk slaagde. Die theorie was me immers... lees meer

  • Altijd als ik een interview lees met de topvrouw van PostNL, Herna Verhagen, voel ik optimisme dat ik daarvoor niet kende. De foto die erbij afgedrukt staat, helpt ook enorm: de zomerzon is in haar neergedaald. En onder de topvrouwen heeft ze de beste topvrouwenlach.

  • In de wachtkamer van de tandarts raak ik in gesprek met een vrouw die ik ontzettend goed gelukt vind. Als je dit soort dingen zegt of opschrijft, zijn er mensen die bedenkelijk kijken. En ik weet niet waarom. Ik bedoel er niets vervelends of ranzigs mee, integendeel. Zij begon t... lees meer

  • Als je ziek bent, wil je beter worden. En als je dan beter bent en iemand vraag hoe het gaat, zeg je `Goed’. Beter dan goed hoeft niet. Bij bedrijven en instellingen is dat anders. Als het goed gaat, moet het beter, waarschijnlijk om te voorkomen dat het over een tijdje weer min... lees meer

  • Vakantievoetafdruk. Het woord is sinds gisteren in mijn leven, hoewel er nog weinig beweging in zit. Heeft natuurlijk met de betekenis van het woord te maken: een stand van zaken, die vakantievoetafdruk, bedacht door de reisbrancheorganisatie ANVR. Die onderzoekt wat voor schade... lees meer

  • Helaas houd ik niet meer zo van bier. Nou ja, ik houd er wel van, maar ik drink het niet meer en daarom maak ik mezelf wijs dat ik het niet meer lekker vind. Ik dronk het graag en vaak en werd daar steeds zichtbaarder van. Keek ik in de spiegel en dacht: er is wel heel veel van... lees meer

  • Zaterdag namen we afscheid van een vriend die vorige week maandag doodging. Toen ik daarvan hoorde, wist ik niet dat mijn moeder een paar dagen later zou sterven. Haar gunde ik het, want ze wilde het graag, haar lichaam was op, haar leven mooi geweest en voltooid. Mijn verdriet... lees meer

  • Mijn moeder overleed eergisteren in de vroege ochtend. Mijn zusje belde om half zes: `Ze zeggen dat we moeten komen.’ Met `ze’ bedoelde ze de mensen van het hospice waar mijn moeder haar laatste dagen doorbracht. Even later zat ik in de auto. Het was nog donker, het verkeer kwam... lees meer

  • Het is de tweede keer dat ik in een ambulance meerijd. De eerste keer is in Heerlen, de geboorteplaats van mijn moeder. Daar zijn we om Sinterklaas te vieren, maar dan word ik ineens erg ziek. Van die ambulance herinner ik me alleen het geluid van de sirene. En de vlammende pijn... lees meer

  • Soms zijn er signalen die erop wijzen dat het nog steeds niet héél erg slecht gaat met ons land. (Als `dit land’ schrijft, heb je er kritiek op. `Ons land’ heeft iets dierbaars.) Het zijn nooit echt belangrijke signalen, maar ze zijn er wel. Bijvoorbeeld dat het maandblad LINDA... lees meer

  • Er zijn van die krantenfoto’s die ik al mijn hele leven ken. Ze horen bij de seizoenen, bij wat karakteristiek voor die seizoenen is.

  • Het is de tweede keer dat ik in een ambulance meerijd. De eerste keer is in Heerlen, de geboorteplaats van mijn moeder. Daar zijn we om Sinterklaas te vieren, maar dan word ik ineens erg ziek. Van die ambulance herinner ik me alleen het geluid van de sirene. En de vlammende pijn... lees meer

  • Het is een afwijking, maar zolang ik het me kan herinneren dacht ik meestal na over wat er tegen me gezegd werd. Dat is niet altijd handig. Je kunt daardoor bijvoorbeeld niet meteen met alles meedoen.

  • Al de tweede dag van april, het jaar begint op te schieten, ik moet sommige zaken niet voor me uit blijven schuiven, vooral niet de zaken die ik `kleine dingen’ noem. De lente vraagt immers om een grote schoonmaak.

Pagina's