Op de kleine brug hier tegenover het huis worden zo’n beetje de hele dag door foto’s gemaakt. Het is een mooie plek in de stad, romantisch, mag ik wel zeggen. Ik ben blij dat ik erop uitkijk, wat ik ook vaak doe, meestal gedachteloos, tussen van alles door.
In de Pers
Recent
Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd
Uitkijken
Op openbare plekken en in openbare ruimtes wordt de laatste tijd erg vaak omgeroepen dat er zakkenrollers actief zijn. Dus uitkijken geblazen. Wordt zo vaak omgeroepen dat ik het idee krijg dat iedereen er een kan zijn. Ik voel dan onmiddellijk op de plek waar mijn portefeuille zit. In mijn binnenzak. Die is één keer gerold, ruim tien jaar geleden. In de trein was dat, waarschijnlijk tijdens het uitstappen. Ik ging dat op het politiebureau vertellen en daarna bood de agent van dienst mij slachtofferhulp aan. Dat aanbod vond ik sympathiek, maar toch ging ik er niet op in. Ik was wel een soort slachtoffer, maar de roof had me niet in psychische nood gebracht. Lastig was het wel, want ik ben iemand met een portefeuille met `alles erin’. Dat is nog steeds zo, daarom voel ik dus even als er wordt omgeroepen dat er zakkenrollers aan het werk zijn. Vervolgens kijk ik om me heen of ik er een zie, maar ja, hoe herken je een zakkenroller? Hoe weten mensen dat ik er geen ben? Ik kan hier wel noteren dat ik niet weet hoe het moet en dat ik wanneer ik het zou proberen, meteen door de man viel, maar ik geloof niet dat ik dat uitstraal. Volgens mij doet een beetje zakkenroller enorm zijn best eruit te zien als iemand die het niet in zijn hoofd haalt zakken te rollen. Hoe doe je dat? Zou het niet weten. Ik steek mijn handen in ieder geval diep in mijn zakken, want met losse handen begint het allemaal. Dan ga ik ver van mensen uit de buurt staan en zorg ervoor dat ik diep in gedachten verzonken raak. Is ook wel aangenaam.
Columns
-
-
Eergisteren zag ik op televisie een korte documentaire over een gezin dat ging emigreren. Naar Canada. Hij was varkensboer en leidde de verslaggever door de lege, schone stallen rond. Buiten stonden paarden in wagens, klaar voor vertrek. Die gingen mee naar Canada. De vrouw van... lees meer
-
Moet ik iets denken over ons spaargeld en dat er al een bank is die geen rente meer geeft? Vast, maar weet niet wat. Als ik aan rente denk, is het vooral aan geld dat je moet betalen als je iets leent of even een negatief saldo hebt. Die rente verdwijnt niet, wat natuurlijk jamm... lees meer
-
Door de dood van Aart Staartjes zagen we zondag fragmenten van ongekend geworden televisie. Niet te lang natuurlijk want de orde van de dag verzet zich tegen deze kwaliteit. Daarmee wil ik niet zeggen dat vroeger alles beter was, want dat was het niet, wat ook niet willen dat he... lees meer
-
Van heel veel weet ik niet hoe het precies hoort, terwijl ik toch vaak in een omgeving ben waar beleefdheidsregels voor niemand geheimen hebben. Heb ik het nu over, over etiquette.
-
Het openbare leven speelt in ons leven een belangrijke rol. Zelf heb ik de neiging me zoveel mogelijk in het niet-openbare leven op te houden, want daar gebeurt ook genoeg, maar dat kan niet altijd. In het openbare leven zijn wachtkamers in ziekenhuizen en het openbaar vervoer h... lees meer
-
Graag citeer ik hier regelmatig mijn moeder. Het is het zinnetje: “Wat kunnen ze toch veel, jongen.” Zei ze vaak, vol vrolijke oprechte verbazing. Het ging dan om uitvindingen, ontwikkelingen, apparaten die het dagelijks leven makkelijker maakten. In mijn gedachten hoor ik het h... lees meer
-
In mijn leven ontmoette ik pas één keer een Fin. Een zanger. Hij zong als gast in een band van vrienden van me. Hij was heel erg dronken (Fins dronken), we gaven elkaar een hand, hij zei iets in het Fins, wat ik niet verstond, ik zei iets in het Engels terug, dat was het. Toen i... lees meer
-
Wie kent het niet: op de pof bestellen? Misschien is dit geen goede vraag, want zijn inderdaad veel mensen die het niet kennen. En ik merk dat wanneer je de vraag opschrijft `pof’ ineens een grappig woord wordt. “Wat ben je aan het doen?” “Nu? Ik ben op de pof bezig!”
-
Toen ik een jaar of tien was, woonde ik een dik halfjaar niet bij mijn ouders maar bij familie in het diepe zuiden des lands. Waarom dat was weet ik niet meer. Vaag herinner ik me het woord `aansterken’. Ik was leerplichtig en ging daar dus ook een tijdje naar een andere school.... lees meer
-
Ergens las ik dat iemand al pleitte voor Het Woord van 2020. Dat is: nieuwjaarsbegroetingsstress. Ben ik niet voor. Zo’n woord moet langer geldig zijn dan alleen de eerste dagen. Of weken, want er zijn ook mensen die op 21 januari vragen: “Mág het nog?” En voordat je er erg in h... lees meer
-
Zitschade. Het verbaast me niet dat het woord bestaat, maar ik kende het niet. Ik kom het tegen in een bericht over de Nijmeegse hoogleraar fysiologie Maria Hopman. Haar bevindingen en opvattingen volg ik met warme aandacht, al was het alleen maar omdat zij alles weet van gezond... lees meer
-
Het kabinet verwacht dat er dit jaar veel beter gaat. Raar dat het me niet lukt me daarin intens te verdiepen. Komt doordat ik geloof dat ik wat ik verwacht steeds minder als uitgangspunt moet nemen. Een verwachting is immers alleen maar een verwachting. Er is ook nog de werkeli... lees meer
-
De jaren twintig zijn begonnen. Gisteren tellen we niet mee, een loze, vergeetbare dag, nee, vandaag.
In de jaren twintig van de vorige eeuw werden mijn ouders geboren. Ze leven niet meer, maar toen begon het allemaal voor ze. De tijd van hun leven was nogal wat. In de oor... lees meer -
In de tweede helft van december heet boodschappen doen: `van alles in huis halen’. Dat doen we de hele tijd, van alles in huis halen. Hoort bij dagen die prettig moeten zijn. Dat wensen we elkaar voortdurend toe, `Prettige dagen!’. Soms klinkt het als een bevel. Prettige dagen k... lees meer
