Waar het vandaan komt, weet ik precies: maar ik voel altijd lichte irritatie wanneer er voor gangbare levensmiddelen het woord luxe komt te staan. Luxe brood bijvoorbeeld. Ik koop het zelf ook zo nu en dan, dus ik maak me ook schuldig aan het voortbestaan ervan.
In de Pers
Recent
Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd
Zielig
Ja, de meeste mannen zien er tegenop,’ zegt de vrouw teder en ze raakt met haar hand even mijn onderarm aan, wat ik een goed gebaar vind. Maar ik houd niet van algemeniseringen. Ik wil dus helemaal niet bij de meeste mannen horen, maar ik hoor er nu wel bij en inderdaad zie ik er tegenop. Ik ben in een kledingwinkel, heb twee broeken in mijn handen en de verkoopster heeft me gewezen waar het pashok is. Ik zie er niet alleen tegenop, ik word er ook altijd droevig van. Dat merk ik na een paar minuten al. De vrouw in de winkel vraagt of ze me kan helpen, ik antwoord dat ik even wil kijken en zij zegt dat ik haar moet roepen als ik denk dat ik geholpen wil worden (een te castreren kater sluipt treurig mijn gedachten binnen). Ondertussen kijk ik naar de broeken en wil ineens heftig naar buiten, in mijn auto stappen en naar zee rijden om daar op een terras naar de horizon te staren, de wind in mijn haar te voelen en het hysterische gekrijs van de meeuwen aandachtig te beluisteren. De meeste mannen hebben dat blijkbaar, Maar hoe zit het met vrouwen? Vinden die het passen van broeken aangenaam? Nee toch? Vreemd dat de vrouwen in mijn omgeving en ik het er nog nooit over hebben gehad. Misschien is er toch iets mee wat alleen voor mannen een ding is en vrouwen een zielig kwestietje vinden. Als ik tien minuten later verkrampt uit het pashok kom en buiten adem naar een van de broeken knik, zegt de verkoopster: `Nou, het viel toch best mee.’ Even verwacht ik een snoepje. En dadelijk een leuke stempel op de kassabon.
Columns
-
-
De meeste vervelende zinnetjes uit mijn kindertijd hoor ik soms nog. Bijvoorbeeld: “Hoe vaak moet ik dat nog zeggen?” Dan ging het om iets wat helemaal niet meer tegen je gezegd hoefde te worden, iets wat je heus wel wist, maar je had geen zin eraan te denken.
Dat vervelen... lees meer -
In de supermarkt sta ik contactloos te betalen, als er een eindje verder onrust ontstaat, bij de kassa waar mensen afrekenen die een praatje op prijs stellen. Daar briest een mevrouw. Ze heeft kranig haar en is het niet eens met wat er op de kassabon staat vermeld. Het stukje pa... lees meer
-
Ja, hoe heet zo’n voertuigje? Iedereen kent ze wel, die canapeetjes op wielen die steeds vaker in het stadsbeeld te zien zijn. Een brommobiel, hoorde ik iemand zeggen. Een elektrische citycar.
Vorige week stond er ineens een in onze autovrije straat geparkeerd. Het... lees meer -
Wie is er niet aan gewend aan de sirene die iedere eerste maandag van de maand precies om 12.00 uur wordt getest? Niet op nationale en religieuze feestdagen, want dat zijn nu eenmaal dagen waarop er niets alarmerends kan gebeuren. Op Dodenherdenking trouwens ook niet, maar die d... lees meer
-
Toen de straat ruim twee jaar geleden autovrij werd, plaatste de gemeenten aan weerskanten twee rood-witte paaltjes. Die zijn weg te halen. Twee bewoners hebben een sleutel.
-
Er is een reclamespotje dat bedoeld is voor mensen die een vakantie in een zonnig oord overwegen. Er wordt in dat spotje gezegd dat je nieuwe herinneringen kunt gaan maken in, en dan komt er een land. Telkens denk ik na over dat herinneringen maken, over hoe je dat doet? Je ligt... lees meer
-
Woorden waarvoor ik me schaam, probeer ik zo min mogelijk uit te spreken. Als ik het per ongeluk toch doe, voel ik lichte kramp. Bubbels, om maar een woord te noemen. In combinatie met glaasje. Bijvoorbeeld in de zin: “Zullen we een glaasje bubbels doen?” `Doen’ is ook erg trouw... lees meer
-
In de late namiddag ga ik graag naar naar het café op de hoek, even weg uit de kleine wereld van mijn werkkamer naar een andere kleine wereld waarin je je paar momenten kunt verschansen voor wat er vanuit de grote wereld op je afkomt. Voorheen lagen daar de avondkranten, maar di... lees meer
-
Mijn eigen schuld. Gisteren zei ik in gezelschap van jonge intimi dat het morgen Aswoensdag was. En dat ik in een ander leven dan een askruisje ging halen.
De brandende vraag was: “Wát ging je halen?”
Leg dat maar eens uit. Ik moest ver terug in mijn katholieke kindert... lees meer -
In de late namiddag ga ik graag naar naar het café op de hoek, even weg uit de kleine wereld van mijn werkkamer naar een andere kleine wereld waarin je je paar momenten kunt verschansen voor wat er vanuit de grote wereld op je afkomt. Voorheen lagen daar de avondkranten, maar di... lees meer
-
Toen de president van Oekraïne buitenlanders opriep met zijn land mee te vechten, sprak hij van een `vreemdelingenlegioen’. Al vroeg in mijn leven was dat een magisch woord. Soms hoorde je dat iemand zich daarbij aansloot. Eerst naar Marseille en daarna naar een fort in een woes... lees meer
-
Even, héél even, was de oorlog erg ver weg. Zaterdagochtend, de zon scheen popelend, de lente was ineens begonnen. Ik liep naar de markt, passeerde volle terrassen die nooit leeg leken te zijn geweest, iedereen op straat praatte vrolijk, er hing iets zingends in de lucht.
-
Nee, ik heb ook geen glazen bol, ken zelfs niemand die er een heeft. Gisteren hoorde ik het twee keer op de radio, de dag ervoor vaker. Glazen bol.
-
Tegen vijven gisterochtend las ik over de oorlog. Toevallig, ik werd wakker van iets, lawaai op straat, een droom vol raadsels, ik weet het niet, en pakte mijn tablet om te kijken of er nieuws was. Doe ik altijd, maar meestal zoek ik dan naar vrolijk nieuws. Wordt steeds zeldzam... lees meer
