Jano van Gool

In de Pers

Thomas Verbogt voegt met deze ontroerende roman een kunststukje toe aan zijn rijke oeuvre - Thomas Verbogt heeft met zijn ontroerende nieuwe roman Foto’s van zonnige dagen een prachtig kunststukje toege... - Vivian de Gier in: Het Parool lees meer
Montere Weemoed II, met Thomas Verbogt & Beatrice van der Poel - Gezien op 2 maart 2022, OBA Theaterzaal, Amsterdam  ... - Kester Freriks in: Theaterkrant lees meer
The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Roep

Hoewel ik tot mijn spijt geen verstand heb van vogels, lees ik er wel graag over. Daardoor krijg je er niet meer verstand van, daarvoor moet je ze meemaken in de vrije natuur, maar toch heb ik het gevoel dat ik vanuit een verre marge toch een beetje in de buurt ben.
Ik houd ook erg van hun namen, winterkoning, tjiftjaf, krakeend, kleine topper. Wat zou het aantrekkelijk zijn als mensensoorten ook zulke namen kregen.
Ik las over twee vogels die, geloof ik, alleen maar in Brazilië voorkomen, maar die toch Nederlandse namen hebben: de naaktkeelklokvogel en de kuifseriema. Al een paar keer sprak in die eerste hardop uit: naaktkeelklokvogel. Over die naam zal door geleerde vogelkenners zijn nagedacht en vergaderd en ineens stak een van hen de vinger op: ‘Jongens, laten we hem naaktkeelklokvogel noemen!’
Waarom er over die vogels geschreven werd, is omdat ze waarschijnlijk de luidste van de wereld zijn. Hun geluid (‘roep’) is vergelijkbaar met het volume van een kettingzaag of drilboor. 
Nogmaals: ze komen hier niet voor en waarschijnlijk is onze samenleving er te klein voor, maar toch probeerde ik me voor te stellen dat er in vroege ochtend ineens een naaktkeelklokvogel op de vensterbank van je slaapkamer neerstreek en even krachtig van zich liet horen. Dan begon je met grimmige energie aan je dag zonder wat voor startprobleem dan ook.
Nu hoor ik iedere ochtend een duif. Zodra het licht wordt, begint die ontremd te roekoekoeren, met heel af en toe een piepkleine pauze. Soms kijk ik uit het raam, maar ik zie hem of haar nooit. 
Nu ik weet van het bestaan van de naaktkeelklokvogel en kuifseriema, vind ik het een goedmoedig diertje dat het dagelijks leven een vriendelijk zetje geeft.