Jano van Gool

In de Pers

Thomas Verbogt voegt met deze ontroerende roman een kunststukje toe aan zijn rijke oeuvre - Thomas Verbogt heeft met zijn ontroerende nieuwe roman Foto’s van zonnige dagen een prachtig kunststukje toege... - Vivian de Gier in: Het Parool lees meer
Montere Weemoed II, met Thomas Verbogt & Beatrice van der Poel - Gezien op 2 maart 2022, OBA Theaterzaal, Amsterdam  ... - Kester Freriks in: Theaterkrant lees meer
The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Opspringen

Toen ik donderdagnacht de televisie aanzette voor Nederland-Tunesië dacht natuurlijk terug aan andere sportgebeurtenissen die ik in de nacht meemaakte, de laatste jaren is het soms tennis, maar in de jaren zestig en vroege zeventig waren dat wedstrijden van bokser Muhammad Ali. Ik zat nog op school en midden in de nacht stond ik op om met mijn ouders naar hun vrienden te gaan, door de stille stad waar in steeds meer huizen de lichten aangingen.
De wereld was in de ban van de overweldigende persoonlijkheid van Ali, na iedere wedstrijd het gesprek van de dag, vaak van een paar dagen. Na zo’n nacht zat ik om half 9 weer op school en aan mijn klasgenoten was te zien wie had gekeken en wie niet en dan heb ik het niet over vermoeidheid, nee, het was wat anders, een soort triomf.
Na hem kwamen er ook boksers die er mochten zijn, maar voor hen stonden we niet meer op. Misschien heeft het ook te maken met het enorme, niet bij te houden aanbod van alles wat we maar willen zien.
Donderdagnacht was ik opgebleven, maar besloot toch vanuit bed te kijken, wat niet de beste beslissing was: je moet in een stoel of op een bank zitten waaruit je zo nu dan kunt opspringen. Op bed kan dat ook wel, maar die dynamiek is gecompliceerder.
Na de wedstrijd was ik over mijn slaap heen, zoals dat zo mysterieus heet. Ooit nam ik me voor niet te dramatisch te doen als ik wakker blijf liggen, toch mijn rust nemen en ondertussen denken aan veel waartoe ik maar zelden kom.
Zo vloeide ik langzaam over naar code rood waarvan ik wist dat het daar min of meer de héle dag over zou gaan. Het leek me beter me voor al dat gepraat en gezeur af te sluiten: van zoveel mogelijk stilte krijg je het echt minder warm.