Jano van Gool

In de Pers

Thomas Verbogt voegt met deze ontroerende roman een kunststukje toe aan zijn rijke oeuvre - Thomas Verbogt heeft met zijn ontroerende nieuwe roman Foto’s van zonnige dagen een prachtig kunststukje toege... - Vivian de Gier in: Het Parool lees meer
Montere Weemoed II, met Thomas Verbogt & Beatrice van der Poel - Gezien op 2 maart 2022, OBA Theaterzaal, Amsterdam  ... - Kester Freriks in: Theaterkrant lees meer
The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Dorpskermis

‘Even kijken waar hij is,’ zegt een vader met wie ik in gesprek ben. Hij heeft het over zijn zoon van dertien die op de fiets op weg naar huis moet zijn, en kijkt op zijn mobiel.
Ik vraag hem of die zoon wéét dat het zichtbaar is waar hij zich bevindt.
‘Natuurlijk,’ zegt de vader. 
Ik weet niet of het natuurlijk is, maar dat komt doordat ik nooit in de gaten gehouden ben, wat ik trouwens ineens niet zeker weet. Ik heb vaak ook een mobieltje bij me en misschien zendt dat signalen uit waarvan ik me niet bewust ben. Ik zit niet op facebook, maar ander mensen wel en soms zien ze mij op een fotootje. Krijg je: ‘Wat leuk dat je bij Annabel was.’
Kan me verder niet schelen dat het bekend is, maar toch heeft het iets lastigs. Vreemd woord: privacy.
Wat ik niet weet of volwassenen elkaar ook op hun mobieltje in de gaten houden. Dat je bijvoorbeeld ziet dat je vrouw nu op een dorpskermis aan het dansen is. Nou ja, dat dansen weet je niet, dorpskermis wel. 
Ik zou het onverdraaglijk vinden.
Goed, kinderen dus. Vinden die het vervelend? Ze kunnen hun mobieltje natuurlijk uitzetten, maar misschien moeten ze dan straks de vraag beantwoorden waarom ze dat deden: ‘Je doet toch geen domme dingen?’ Of nog erger: ‘Je vertelt ons toch wel alles?’
Deed ik dat als kind, alles vertellen? Nee zeg. Ik moet er ook niet aan denken dat mijn ouders precies wisten waar ik was. 
Op de lagere school ging ik na de laatste les graag meteen naar huis om op mijn kamer verhaaltjes te tekenen. En als ik dat niet deed, zwierf ik door het bos waar ik een geheime wereld om me heen fantaseerde. Het zegt al genoeg: een geheime wereld. Ik kan er zelfs nu, zo veel jaar later, niets over zeggen. Wel dat ik er heimwee naar heb.