Op de kleine brug hier tegenover het huis worden zo’n beetje de hele dag door foto’s gemaakt. Het is een mooie plek in de stad, romantisch, mag ik wel zeggen. Ik ben blij dat ik erop uitkijk, wat ik ook vaak doe, meestal gedachteloos, tussen van alles door.
In de Pers
Recent
Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd
Stoer
Waarschijnlijk is het typerend voor ons onderbewustzijn dat er weinig zinnigs over te zeggen valt. Behalve natuurlijk door deskundigen, maar daar hoor ik niet bij. Helaas, zeg ik erbij. De laatste tijd vergeet ik vaak het woordje `niet’ als ik aan het schrijven ben, Ik zeg nu wel wóórdje, maar het is een groot woord: niet. `Niet’ kan je leven enórm veranderen. Ik lees mijn column in deze krant haast nooit over, maar eergisteren wel. En toen het even over het Sinterklaasjournaal ging, stond daar dat ik ernaar keek, maar ik bedoelde dat ik er nog niet naar gekeken had. Maar ja, `niet’ vergeten. En dan kom ik dus in het onderbewuste terecht. Misschien wilde ik juist zeggen dat ik er heel graag naar keek, maar net wilde doen alsof dat niet zo was. Stoer. Ik ben er nog steeds niet toe gekomen. (Ik heb even goed gekeken of in de vorige zin `niet’ stond.) Het zit nog niet in mijn systeem, zoals dat heet. Misschien komt het doordat ik me dit jaar zonder dat ik er erg in heb, verzet tegen het sinterklaasfeest. Gisteren hoorde ik op de radio dat politiemensen overal in het land instructies hebben gekregen om ongeregeldheden tijdens de intochten te voorkomen. Daarom dus. Mijn verzet, bedoel ik. De schrijver Arnon Grunberg, die ik graag lees, laat tijdens het schrijven van zijn volgende boek neurowetenschappers controleren wat er in zijn hersens gebeurt als hij schrijft. Badmuts met elektroden op zijn hoofd. Ik zou best willen weten wat er in mijn hoofd gebeurde toen ik zojuist `verzet’ noteerde. Wat dat heimwee is.
Columns
-
-
Eergisteren zag ik op televisie een korte documentaire over een gezin dat ging emigreren. Naar Canada. Hij was varkensboer en leidde de verslaggever door de lege, schone stallen rond. Buiten stonden paarden in wagens, klaar voor vertrek. Die gingen mee naar Canada. De vrouw van... lees meer
-
Moet ik iets denken over ons spaargeld en dat er al een bank is die geen rente meer geeft? Vast, maar weet niet wat. Als ik aan rente denk, is het vooral aan geld dat je moet betalen als je iets leent of even een negatief saldo hebt. Die rente verdwijnt niet, wat natuurlijk jamm... lees meer
-
Door de dood van Aart Staartjes zagen we zondag fragmenten van ongekend geworden televisie. Niet te lang natuurlijk want de orde van de dag verzet zich tegen deze kwaliteit. Daarmee wil ik niet zeggen dat vroeger alles beter was, want dat was het niet, wat ook niet willen dat he... lees meer
-
Van heel veel weet ik niet hoe het precies hoort, terwijl ik toch vaak in een omgeving ben waar beleefdheidsregels voor niemand geheimen hebben. Heb ik het nu over, over etiquette.
-
Het openbare leven speelt in ons leven een belangrijke rol. Zelf heb ik de neiging me zoveel mogelijk in het niet-openbare leven op te houden, want daar gebeurt ook genoeg, maar dat kan niet altijd. In het openbare leven zijn wachtkamers in ziekenhuizen en het openbaar vervoer h... lees meer
-
Graag citeer ik hier regelmatig mijn moeder. Het is het zinnetje: “Wat kunnen ze toch veel, jongen.” Zei ze vaak, vol vrolijke oprechte verbazing. Het ging dan om uitvindingen, ontwikkelingen, apparaten die het dagelijks leven makkelijker maakten. In mijn gedachten hoor ik het h... lees meer
-
In mijn leven ontmoette ik pas één keer een Fin. Een zanger. Hij zong als gast in een band van vrienden van me. Hij was heel erg dronken (Fins dronken), we gaven elkaar een hand, hij zei iets in het Fins, wat ik niet verstond, ik zei iets in het Engels terug, dat was het. Toen i... lees meer
-
Wie kent het niet: op de pof bestellen? Misschien is dit geen goede vraag, want zijn inderdaad veel mensen die het niet kennen. En ik merk dat wanneer je de vraag opschrijft `pof’ ineens een grappig woord wordt. “Wat ben je aan het doen?” “Nu? Ik ben op de pof bezig!”
-
Toen ik een jaar of tien was, woonde ik een dik halfjaar niet bij mijn ouders maar bij familie in het diepe zuiden des lands. Waarom dat was weet ik niet meer. Vaag herinner ik me het woord `aansterken’. Ik was leerplichtig en ging daar dus ook een tijdje naar een andere school.... lees meer
-
Ergens las ik dat iemand al pleitte voor Het Woord van 2020. Dat is: nieuwjaarsbegroetingsstress. Ben ik niet voor. Zo’n woord moet langer geldig zijn dan alleen de eerste dagen. Of weken, want er zijn ook mensen die op 21 januari vragen: “Mág het nog?” En voordat je er erg in h... lees meer
-
Zitschade. Het verbaast me niet dat het woord bestaat, maar ik kende het niet. Ik kom het tegen in een bericht over de Nijmeegse hoogleraar fysiologie Maria Hopman. Haar bevindingen en opvattingen volg ik met warme aandacht, al was het alleen maar omdat zij alles weet van gezond... lees meer
-
Het kabinet verwacht dat er dit jaar veel beter gaat. Raar dat het me niet lukt me daarin intens te verdiepen. Komt doordat ik geloof dat ik wat ik verwacht steeds minder als uitgangspunt moet nemen. Een verwachting is immers alleen maar een verwachting. Er is ook nog de werkeli... lees meer
-
De jaren twintig zijn begonnen. Gisteren tellen we niet mee, een loze, vergeetbare dag, nee, vandaag.
In de jaren twintig van de vorige eeuw werden mijn ouders geboren. Ze leven niet meer, maar toen begon het allemaal voor ze. De tijd van hun leven was nogal wat. In de oor... lees meer -
In de tweede helft van december heet boodschappen doen: `van alles in huis halen’. Dat doen we de hele tijd, van alles in huis halen. Hoort bij dagen die prettig moeten zijn. Dat wensen we elkaar voortdurend toe, `Prettige dagen!’. Soms klinkt het als een bevel. Prettige dagen k... lees meer
