Jano van Gool

In de Pers

Thomas Verbogt voegt met deze ontroerende roman een kunststukje toe aan zijn rijke oeuvre - Thomas Verbogt heeft met zijn ontroerende nieuwe roman Foto’s van zonnige dagen een prachtig kunststukje toege... - Vivian de Gier in: Het Parool lees meer
Montere Weemoed II, met Thomas Verbogt & Beatrice van der Poel - Gezien op 2 maart 2022, OBA Theaterzaal, Amsterdam  ... - Kester Freriks in: Theaterkrant lees meer
The Tree of Life. Soeben ausgelesen: Thomas Verbogt – „Wenn der Winter vorbei ist“ (2020) - Keine 100 Seiten und auch keine 50 Seiten, nein genau eine einzige Seite brauchte es.... - David Wonschewski in:  lees meer

Recent

Er zijn nog geen toneelstukken toegevoegd

Zonnebril

The Cats hebben nog steeds een warme plaats in mijn hart. Kan niet uitleggen waarom, maar dat hoeft ook niet. Veel van je goed kunt uitleggen is minder interessant dan wat je niet kunt uitleggen. In mijn intieme vriendenkring is One Way Wind ons volkslied. We zingen het bij belangrijke momenten en dan gaan we ook staan. Cees Veerman schreef dat niet. Hij was gitarist en de eerste zanger van de band. Zaterdagmorgen hoorden we dat hij was overleden, de nacht ervoor, in Indonesië waar hij al een tijdje woonde, zeventig jaar. In het radiojournaal zei Arnold Mühren, de bassist (en het brein) van de band, dat hij vaak wat depressief was, vroeger ook al. Zo’n onthulling houdt me dan nogal bezig. Eind jaren zestig kreeg ik de langspeelplaat Cats As Cats Can cadeau. In die tijd had ik nog geen last van woordspelingen. Op die plaat stond ook het eerste nummer dat ik van The Cats hoorde, in de zomer van 1967: Sure He’s A Cat. Zaterdag zag ik nog een clip ervan. Of clip, nee, dat is niet het goede woord, een nogal sullig filmpje: The Cats die het lied op bruggen en trapjes braaf playbackten. Cees Veerman zong het en dat deed hij goed. Hij was voor mij, met die zonnebril, een beetje de Keith Richards van The Cats, vooral toen hij ooit zei dat hij het zelf niet in zijn hoofd zou halen muziek van The Cats te kopen. Hij hield vooral van wat ruigere dingen. Toen The Cats ophielden te bestaan, opende hij in Amsterdam een Sexboutique. In die spelling. Hield hij niet lang vol. Volgens mij was hij er te melancholiek voor.

Columns

  • Vorige week las ik een interview met de vorige voorzitter van de Tweede Kamer, Gerdi Verbeet. Ze zei dat ze een mensenmens is. Waarom ze dat zei, weet ik niet meer. Ja, naar aanleiding van een vraag natuurlijk, maar het moet nogal een vraag zijn geweest, want volgens mij zeg je... lees meer

  • Omdat het veel plaatsen herfstvakantie is, blijf ik er ook nog even in hangen. Wie mij kent, weet dat ik nooit zal zeggen dat vroeger alles beter was, want dat is niet zo. Paar dingen misschien, maar niet alles. Wat ik als ik naar mezelf kijk, wel beter vond is dat ik niet weg h... lees meer

  • Een foto waarvan ik niet weet wat ik erover moet denken: staatssecretaris Wiebes staat erop afgebeeld. Zijn geopende hand wijst blij, misschien zelfs triomfantelijk naar een grote slagroomtaart waarin centraal een blauwe envelop is verwerkt. Voor banketbakkers is dat een koud ku... lees meer

  • Paar telefoontjes gisteren. Over het Nederlands elftal. Mooie, melancholieke uitdrukking: de bui zien hangen. De bui is er nog niet, maar we hebben heus wel in de gaten dat die dadelijk van zich zal laten horen. Geen dunne motregen, maar een bui die je naar een schuilplaats doet... lees meer

  • Maandag zit ik in de trein die me van Amsterdam naar Maastricht moet brengen. In Weert wordt omgeroepen dat dit het eindpunt is vanwege een kapotte bovenleiding, maar dat er bij het station een snelbus staat die naar Roermond rijdt. En daar gaat de trein gewoon weer verder naar... lees meer

  • Is het wel een juist woord, asielstroom? Ik lees het zo nu en dan, nee, vaker dan zo nu en dan, en dan moet ik er telkens even naar kijken. Asielstroom. Ook naar andere woorden die uit deze kwestie voortkomen, bijvoorbeeld zelfzorgarrangement. Ik weet wat het betekent: gemeenten... lees meer

  • Onderhand moet ik af van het idee dat een robot een apparaat is dat min of meer menselijke vormen heeft. Zo zagen de robots in mij jeugd eruit, in films en stripverhalen. Maar ik weet natuurlijk dat de robot ook de vorm van een robuuste puntenslijper kan hebben. Zal niet lang du... lees meer

  • Tijdje terug, nog niet zo lang geleden, keek ik naar een wedstrijd van het Nederlands elftal, op televisie, ik weet niet meer tegen welk land. Tot mijn verbijstering zat ik de hele wedstrijd uit, terwijl er nauwelijks iets te zien was. Ik houd van voetbal, maar dan moet het wel... lees meer

  • Nooit gedacht dat ik er nog eens aan zou denken, aan de gymnastiek vroeger op school. Gisteren hoorde ik op de radio dat een oud-gymnastiekleraar pleitte voor nieuwere toestellen in de gymzalen. Blijkbaar beschouwde hij de oude als een probleem. Zocht hij zelf de publiciteit op?... lees meer

  • Ook niet tegen te houden: de zelfscankassa in de supermarkt. Het woord bestond tot voor kort niet, nu staat het al in de nieuwe Dikke van Dale. Als je het een paar keer snel achter elkaar uitspreekt, krijg je zin je tanden te poetsen. Ik lees er een artikel over en snap dat de z... lees meer

  • Van verveling heb ik haast nooit last. Als ik ergens zit of sta te wachten, is er altijd wel iets waarmee ik de tijd kan doorbrengen, een paar gedachten bijvoorbeeld of een probleem dat moet worden opgelost. Of in mijn hoofd een brief schrijven die straks dringend de deur uit mo... lees meer

  • Soms denk ik: wat is blij? Het gevoel dus. Als ik hoor `Daar word ik niet blij van’, wat ik vaak hoor, ga ik erover nadenken. Laatst zei iemand tegen me: `Je mag best blij kijken.’ Nu was daar aanleiding toe en ik hád ook een goed humeur, maar wist niet hoe ik blij moest kijken.... lees meer

  • Verontwaardigde geluiden las en hoorde ik: asielzoekers die op de grootste opvanglocatie in Nederland arriveren, het Nijmeegse Heumensoord, en meteen weer vertrekken omdat ze de omstandigheden onvoldoende vinden. Het waren er een stuk of dertig die dat deden. Wat dénken ze wel?... lees meer

  • Het komt voor dat je je dag niet hebt. Dat moet je zelf niet zeggen, iemand anders moet het vaststellen. Ik merk dat ik mijn dag niet heb als ik in de supermarkt voor de zuivelproducten sta. Het is net acht uur, ik ben de eerste klant en moet kwark hebben. Dan vraag ik me af hoe... lees meer

  • Mijn moeder wordt vandaag negentig. Als ik dat zeg dat ik dat `een hele leeftijd’ vind, wuift ze die woorden weg. Toen de vorige eeuw nog maar voor een kwart voorbij was, werd ze geboren in het zuiden van het land. En ineens is het veel en veel later. Toen ik kind was, zei ze da... lees meer

Pagina's