In het journaal zie ik veel vreemde grimmigheid van mensen die zich verzetten tegen de maatregelen van de overheid. Vaak is het beschamend. Ik denk dan telkens dat het gelukkig ver bij me vandaan gebeurt, wat natuurlijk onzin is, maar ik wil het graag denken.
De dag na de persconferentie van de premier en minister Hugo werd onze straat weer autovrij. Dat wás die al sinds halverwege de zomer, maar de afgelopen maand niet, vanwege werkzaamheden, gasleidingen. Min of meer het tegendeel van autovrij.
Leek me wel wat, een blokjesverjaardag. Woord kende ik niet, het verschijnsel evenmin, maar de premier had het er dinsdagavond over. Dus dat niet alle gasten tegelijk komen, maar in blokjes van vier of twee of drie (hangt er vanaf of er een boa in de buurt is). Mijn verjaardag vier ik maar af en toe. Meestal houd ik er niet van. Wie wel vragen en wie niet en daarom wordt het nogal vol en krijg je nauwelijks de kans om met iemand een woord te wisselen. Als je je dan na een paar uur afvraagt wat er precies is gebeurd, zou je dat nauwelijks kunnen zeggen.
Gistermorgen hoorde ik op de radio een interview met Gerard Krol over wie aan het eind van het gesprek werd gezegd dat hij voorzitter is van de VNK. De presentator lichtte de afkorting toe: Vereniging Nederlandse Kerstbomenkwekers. Natuurlijk, denk ik dan, zo’n vereniging moet er ook zijn. Omdat ik niet zeker wist of ik het goed had verstaan, zocht ik het even op. Er zijn veel verenigingen die VNK heten, onder meer de Vereniging Nederlandse Kunsthistorici, Vereniging Nederlands Kalksteenplatform, Verenigde Nederlandse Kruidendrogerijen.
Niet over gisteravond schrijven, nam ik me voor. Liever iets kleins, iets zoets. En ik kwam terecht bij het nieuwe boek met Nijntje in de hoofdrol. Dat boek heet Trakteren met Nijntje. Officieel behoor ik niet tot de doelgroep, maar graag neem ik van zoveel mogelijk kennis. Bovendien zijn er in mijn omgeving jonge moeders die krachtig denkwerk moeten verrichten voordat ze hun jarig kind met verjaardagstraktaties naar school sturen. Snoep mag niet, het moet verantwoord zijn en caloriearm.
Psychologisch zit het goed in elkaar. Onze premier zei vrijdag dat hij geen taboes voelde wanneer hij over nieuwe maatregelen dacht. Misschien zei hij het anders, maar ik verstond duidelijk `taboes’. En we zagen hoe hij erbij stond. Niet voor de poes, zeggen wij hier in huis. Minister Hugo gooide er zaterdag nog een schepje bovenop: we moeten ons schrap zetten!
Het Weekend van de Waarheid. Dat was het. Zo’n weekend heeft ook een stille zondagochtend, kil, even niet nat. Ik loop wat te mijmeren rond vragen als wanneer ik eerder een Weekend van de Waarheid meemaakte. Misschien niet een heel weekend, maar toch wel een paar Dágen van de Waarheid. Of Momenten. Is toch een zin die je soms hoort uitspreken: “En nu komt het Moment van de Waarheid.” Stom dat ik me er niets van herinner. Misschien nam ik die waarheden niet serieus genoeg en de waarheden mij ook niet.
Het idee zal inmiddels in schoonheid zijn gestorven en er is ook genoeg over gezegd en geschreven, maar natuurlijk heb ik me even voorgesteld hoe het mij zou vergaan als ik op mijn achttiende verjaardag 10000 euro zou krijgen. Natuurlijk zou ik denken: fijn! Maar die gedachte werd meteen gevolgd door lichte paniek. Het punt is vooral dat iedereen natuurlijk wist dat ik dat geld had gekregen. En uiteraard vroeg iedereen in mijn omgeving wat ik ermee van plan was en zo’n vraag is niet losjes weg te wuiven. De bedoeling is een verantwoorde reactie.
Aan het begin van de eerste lockdown zeiden we al dat het niet echt een probleem was dat we niet iedereen meer drie keer kusten, bij begroeting en afscheid, en soms ook tussendoor, bijvoorbeeld om te bedanken voor een cadeau. En dat een hand geven ook niet meer wenselijk was, vonden we grappig en dan deden we een beetje mal en schuchter met de ellebogen, nog steeds trouwens.
Aan het begin van de eerste lockdown zeiden we al dat het niet echt een probleem was dat we niet iedereen meer drie keer kusten, bij begroeting en afscheid, en soms ook tussendoor, bijvoorbeeld om te bedanken voor een cadeau. En dat een hand geven ook niet meer wenselijk was, vonden we grappig en dan deden we een beetje mal en schuchter met de ellebogen, nog steeds trouwens.